Home | Deel I | Deel II | Deel III |
Deel IV | Deel V | Foto's | E-mail

Deel I

Jambo,

Voor mijn vertrek had ik me voorgenomen om regelmatig iets van me te laten horen, altijd mijn Lariam te slikken en geen enkele wedstrijd van Nederland tijdens het EK te missen. Plannen zijn er om gewijzigd te worden...

Althans, wel qua bestemmingen etc.. Bovenstaande ben ik nog steeds van plan... ik hou zo af en toe een beetje een omdedagboek bij en voor wie er in geinteresseerd is is deze bijgevoegd.. voor zij die liever de executive summary lezen: "het gaat goed met me en het is hier fantastisch.."

Ik wil nog even iedereen bedanken voor het helpen in de voorbereiding, maar bovenal...
- mijn fam voor de rugzak etc.
- wen&stef en rob&lot voor de medische voorbereiding
- de kawa's voor de verrekijker (kijken mag, begrijp ik)
- de internerds voor de survivalkit (zowel hardware als software)
- hans&ing en ook eg&marietje voor het enige echte EK shirt
- babes en pekko voor de LPs
- Oma voor alles
- iedereen voor alle tips en info
- maar above all, Pasje voor werkelijk te veel om op te noemen, met name voor alle lieve mails die nog gaan komen ;)

Laat het bellen en faxen nou zo moeilijk gaan dat ik het moet laten bij;

We mailen, kwaheri
wolfe@kawanaki.com


10 mei 2000, Terminal Hotel te Nairobi, Kenia

Hier zit ik dan, in een lekker klef budgethotelkamertje in hartje Nairobi met de gordijnen dicht omdat ik niet wil dat de mensen mijn Palmtop setje kunnen zien en mischien ook wel een beetje omdat het donker is buiten. De eerste paar dagen in Oost-Afrika staan eigenlijk in het teken van extended voorbereiding.

Nairobi is niet echt een mooie stad, zeg maar gerust helemaal niet. Ik moet nog wat dingen regelen voor mijn eerstvolgende bestemming, Rwanda, en wat kleine dingen kopen en dat brengt me in alle hoeken van de stad. Het klinkt bot, maar de lijmsnuivende zwerfkinderen, bedelende moeders en meelopende straatoplichters zijn hier zo 'common' dat je er al snel aan went. Wat wel opvalt is de grote hoeveelheid Internet 'cafeetjes' en dat er eindelijk een hoofdstad is zonder MacDonalds. Op weg naar de ambassade van Rwanda zie ik een bord met 'Tobs' hangen. Mede vanwege mijn handicapje had ik van tevoren in het VCV boek gekeken en trof o.a. Tob Cohen (lichting '70) aan wonende in Nairobi. Even binnenwippen leert me dat Tob al vele jaren hier zit en een GolfSafari runt (tevens touroperator en evenementenorganisatie) De slogan aan de muur verhaalt iets over 'not only Birdies and Eagles, but also Lions on the course'. Erg soepel is dat ik hier gelijk mijn vlucht naar Kigali kan regelen, met een beetje Nijenrode korting. So far so good.

De Lonely Planet leert mij dat de meeste reizigers en ex-pats te vinden zijn in Buffalo Bills. Behalve op maandagavond dan, ik loop een tent binnen waar 1 jonge reiziger staat, een paar eeuwige ex-pats en een dozijn hoeren.Veel betere tips krijg ik van de zus van Peter de Pater en haar man. Zij wonen sinds een tijdje in Nairobi maar hebben met name goede tips over Uganda waar ze jaren hebben gewoond. Ook hier kon ik gelukkig heel spontaan vanavond nog even langs komen.

Nairobi heeft niet zoveel te bieden, behalve dat je er alles kan krijgen. Iets wat ik waarschijnlijk pas later ga waarderen.

maandag 15 mei 2000, wederom een klef hotelkamertje in Gisenyi,
noordwesthoek van Rwanda.

Donderdag aangekomen op Kigali Airport. Eigenlijk is dit de eerste keer dat ik me echt besef dat ik op een ander continent zit. Het vliegveldje, primitief maar op zich best mooi, heeft ongeveer twee a drie commerciele vluchtbewegingen per dag. Het eerste wat me opvalt zijn de buizerds die boven het gebouw cirkelen.. dit zal wel een bijzondere plek voor ze zijn denk ik. Eigenlijk gaat alles erg vlot en beneden staat Wouter op me te wachten. Als ik naar beneden loop zwaait ie met een forse radio, hoewel het GSM netwerk een goede dekking heeft in de steden is dat ook het eerste wat plat ligt in geval van crisis, dus is elke medewerker van de ambassade verplicht altijd een radio mee te dragen.

Wouter met Bas en Vlinder in zijn achtertuin - Kigali, RwandaHet huis van Wouter ligt mooi gelegen op 1 van de twee heuvels die samen Kigali vormen, met als gevolg een prachtig uitzicht over de groene velden. Ik kom er al snel achter dat de buizerds boven het vliegveld geen bijzonderheid waren, ze vliegen overal en in grote getalen. Prachtig om te zien. Wouter zijn twee honden, Bas en Vlinder (dit is waar wout altijd zegt:"die namen hadden ze al toen ik hier kwam") zijn fantastische beesten waar ik veel tijd mee doorbreng.

's Middags lunchen op de Ambassade om daarna ook Bert te kunnen spreken, de veiligheidsadviseur die al vele jaren in Rwanda zit. "Was je maar wat eerder gekomen", hoor ik als eerste. Sinds een paar dagen zijn er nieuwe spanningen aan het ontstaan tussen Uganda en Rwanda en er zijn troepen gesignaleerd aan beide zijden van de grens. DIt zijn negatieve signalen voor twee van mijn plannen: De berggorilla's zien en over land naar Uganda reizen, mijn volgende bestemming.

De komende dagen maar even in Rwanda blijven en dan kijken hoe het er bij staat, zondag is er namelijk topoverleg tussen de twee landen en dat kan veel invloed hebben op de situatie. 's Avonds maar even een paar biertjes scoren. Heineken heeft hier een brouwerij, het enige stukje industrie in dit land, en op wat bananebier na 100% van de markt. Dat vindt deze jongen niet erg, de Multzig smaakt me een stuk beter dan het bier in Nairobi.

Vrijdagochtend even relaxen in Huize Jurgens. Samuel, de huishouder/kok van Wouter, heeft mijn kleren reeds gewassen en gestreken op mijn kamer gelegd. Tegen de middag ga ik met wat mensen van de ambassade en de vrouw van een architect, die de bouw van de nieuwe ambassade gaat begeleiden, naar het centrum van de stad. Er moeten namelijk boodschappen gedaan worden. Eerst een bezoekje aan de Duitse bakker en slager, winkels zuiver gericht op ex-pats waar de Smiths Paprika zakken op spanning staan door het hoogteverschil en een potje Nutella veertig piek kost. Hierna haak ik af om wat door de stad de lopen. De markt, half overdekt, is de plek waar het allemaal gebeurt. Jongens met trossen ongeplukte kippen wisselen de stinkende vissen af die naast het kraampje met Palmolive shampoo, Oil of Ulaz en allerlei andere ijdelheidsproducten staat.

Op mijn weg het centrum uit zie ik veel gebouwen in reparatie of aanbouw, overal zijn er nog sporen van de oorlog in 94. Ik tref een groep werkers op een gebouw die allen roze kleding dragen. Eigenlijk een erg mooi gezicht, ze zijn met zijn dertigen zich aan het bemoeien met een klus die waarschijnlijk twee man vergt (lijkt Hurley XV wel) maar met name de kleuren maken het mooi. Het zwart van hun huid op die lichtroze gewaden, de rode stenen en het veelzijdige groen van de heuvels in de achtergrond. Voor ik een plaatje schiet loop ik er toch even naar toe om te vragen of het mag. De bewaker die gehurkt zit en op zijn geweer leunt weet het niet precies, maar al snel komt er een auto aan en de inzittende weet me heel duidelijk te maken dat het niet toe gestaan is. Later kom ik er pas achter, met mijn naieve kop, dat het om gevangen gaat die na de homocide zijn gearresteerd. Het feit dat er nauwelijks bewaking is is om het feit dat deze mensen in gevangeschap veiliger zijn dan er buiten, en dus geen enkele drift tot ontsnappen hebben.

's Avonds duiken we het ex-pat leven in. Eerst borrelen met een flinke kluit Nederlanders die of bij de Ambassade, Heineken of een van de ontwikkelingsorganisaties zitten. Na een diner met ambassadevertegenwoordigers van allerlei landen gaan we nog even naar de Cadillac. Bij binnenkomst kijk ik mijn ogen uit. Voor zo een arm land zijn er wel heel erg veel mensen die in deze uiterst moderne en grote discotheek vertier komen zoeken. Er zijn ook weer aardig wat blanken en hier is het wel heel duidelijk wie het stijve ras is. Al snel beweer ik tegen iemand van de engelse ambassade dat binnen een jaar hier iedereen met 'the hands up in the air' danst. "You're on" hoor ik en om maar even wat daad bij het woord te voegen ga ik de localen direct aanmoedigen. Zodra de eerste het begrepen heeft en het voorbeeld volgt heb ik al spijt van mijn poging. Wat een lucht man. Maar weer snel mijn plan aanpassen en ik hoop dat ze over een jaar nog steeds de 'en nu de handjes bij de voetjes' doen.

Mijn plannen voor Uganda lijken steeds onwaarschijnlijker te worden. Vanochtend heeft Uganda aan Rwanda een ultimatum gesteld over haar legers in Congo, gezellige boel hier. Onze trip naar een van de memorials van de genocide moeten we halverwege beeindigen omdat de brug op de doorgaande route het begeven heeft. Onze poging wordt wel beloond door de aanwezigheid van alle kinderen op het platteland. Enerzijds vinden ze je ontzettend interessant en proberen ze je te roepen met "Msumge", wat "vreemde" betekent maar voor blanken gebruikt wordt, anderzijds zijn ze vaak wat schuw en alert. Ze groeien hier namelijk al generaties lang op met het verhaal dat als ze stout zijn dat de blanken ze dan komen halen. Zijn wij ook eens de zwarte piet. Ook voor fotocamera's duiken ze weg, uit angst dat het ding hun ziel vangt en dat ze na de dood er dan dus geen meer hebben.

Zondag ga ik mijn eerste safariactiviteit doen. Met twee 4WDs gaan we naar het Akagera park in het oosten. Eerst maak ik kennis met Wil en Rene, waarvan ik de groeten van mijn moeder krijg. Puur toevallig waren zij in Nederland op dezelfde softbal reunie in Nederland de week ervoor en kwam Rwanda ter sprake. Als Wil dan Wouter goed blijkt te kennen blijkt wel weer eens dat ons wereldje, ook hier, erg klein is. In het park zien we de nodige dieren: bavianen, enkele nijlpaarden,een verre olifant, giraffen en met name impala en andere antilopen. Maar je moet hier vooral komen voor het landschap. Heuvelachtig en met veel meren is het werkelijk adembenemend. Zo tegen tweeen wordt het tijd om terug te keren en hoewel we een gids mee hebben blijkt op een gegeven moment dat we niet zitten waar we hadden willen zitten. We keren om in hetzelfde tempo, stapvoets omdat het pad af en toe nauwelijks een pad te noemen is, om proberen het andere pad dwars door het park te vinden. Dat lukt, echter dit pad wordt gaandeweg steeds slechter begaanbaar en op den duur begon het Camel Trophy gevoel me flink te bekruipen. Op zich leuk behalve dat de schemering eraan zit te komen en het maar niet beter wordt. Halverwege kunnen we echt niet meer verder, het blijkt dat het pad al geruime tijd niet meer gebruikt wordt en we weer terug naar af kunnen om de lange route te vervolgen. We zitten nog ruim in het park als het al donker is maar besluiten onze weg te vervolgen, ondanks dat we weten hoe makkelijk het verdwalen is, zelfs in daglicht. Ter ontspanning leg ik maar even uit dat het positieve hiervan is dat we de kans hebben de sneeuwkip in actie te zien, voor intimi een welbekend fenomeen. Gelukkig hebben we geen verdere tegenslagen en zijn we een paar uur later bij de grens van het park, naar je kon zien toch wel een opluchting voor velen van ons.

Vandaag ben ik met Jaap en Rita Akkerhuis meegegaan bij hun werkzaamheden. Jaap, wellicht bekend bij jullie als coach van menig voleybalteam, is inmiddels gepensioneerd maar draait sinds een paar jaar een project hier om de kinderen meer sport en spel in het leven te kunnen geven. Vorig jaar heeft hij leraren uit het hele land opgeleid, welke op hun beurt dit weer doen bij leraren op de lagere scholen in hun regio. Vandaag en morgen gaan we in twee regio's bij scholen kijken hoe het uitpakt en heeft Jaap wat gesprekken met de lokale bevolking. De kinderen op de scholen vinden het allemaal maar fantastisch. Rita en ik zijn even op een boomstronk gaan zitten maar al snel zijn we omsingeld door tientallen kinderen die allemaal even willen voelen en vol zitten met vragen. Ach ja, en wat blijkt dan toch weer de common ground te zijn, ze vragen al snel of ik Clarence Seedorf ken, als we het hele rijtje afgaan sta ik versteld van wat ze allemaal weten. Gelukkig kon ik ze blij maken met het feit dat de broertjes de Boer een tweeling is, ik was al bang dat zij meer wisten dan ik.

Gezellig met Rita op een boomstam, en nog wat schooldrommels erbij

In de middag doen we nog even een onaangekondigd bezoekje aan de Heineken brouwerij, erg leuk om te zien met natuurlijk na afloop van de persoonlijke tour het vertrouwde biertje aan de bedrijfsbar.

Hier, in Gisenyi, is het werkelijk prachtig. Het gigantische meer vormt een prachtige kust die een beetje aan Zuid-Frankrijk doet denken, maar daar houdt de vergelijkenis ook op. Aan de overkant zie je de heuvels van Congo, en als je je omdraait dan is het blik eigenlijk heel triest. Je kan goed zien dat dit voor de oorlog een fantastische badplaats is geweest, met veel grote huizen in mooie bouwstijlen. Nu een bouwvallig en bijna verlaten aanzicht, met veel littekens van de drama's in de jaren negentig.

Ik weet zeker dat me de komende dagen in Rwanda nog heel wat te wachten staat. Zelf zou ik er zelfs nooit aan gedacht hebben hier te komen als Wouter hier niet had gezeten, echter dit land is zeer de moeite waard en heeft erg veel indruk op me gemaakt. Zo ook de mensen die ik hier ontmoet heb die fantastisch werk doen om te helpen het land op te bouwen.

16 mei 2000, Wouter's veranda, Kigali

Gisteravond heb ik het verpletterende nieuws ontvangen dat Guido zondag bij een motorongeluk om het leven is gekomen. Op dit moment heb ik het gevoel dat mijn ervaringen hier niet noemenswaardig zijn. Guido is om het leven gekomen zoals hij ook geleefd heeft. Ik geloof dat als je hem een tweede kans zou kunnen geven hij het precies weer zo zou doen, ook die laatste seconden in die bocht. Maar dat verzacht niets. Want ook al had hij een prachtig leven; het was veel, veel, heel veel te kort. Vanaf grote afstand is mijn hart en gedachte bij familie Boels, mijn Telfort collega's maar vooral bij Guido. Don Porno, rust zacht jongen ---



Home | Deel I | Deel II | Deel III |
Deel IV | Deel V | Foto's | E-mail